Het is weer zo ver: de Week van de Scheidsrechter. Een mooie aanleiding voor de Luistervink om eens stil te staan bij die ene persoon op het veld die niet scoort, niet verdedigt, geen punten pakt en geen derde helft speelt … maar zonder wie er helemaal níet gespeeld wordt: de scheidsrechter.
Binnen het voetbal wordt vaak gesproken over de twaalfde man: de supporters die het team vooruit schreeuwen. Maar eerlijk gezegd: de echte twaalfde man staat meestal in het zwart, met een fluitje in de mond. Zonder hem of haar geen aftrap, geen doelpunt, geen eerlijk spel, geen kampioenschap.
En toch… het grappige is dat iedereen die het voetbal of een ZAP team volgt óók zelf scheidsrechter lijkt te zijn. Langs de lijn staan soms wel twintig ‘arbiters’ die allemaal zeker weten of het buitenspel was. Of dat die tackle écht een overtreding was. Iedereen die langs de lijn staat, ziet het beter dan degene met de vlag of het fluitje. Soms vraag ik me af of er niet meer gefloten wordt vanaf de kant dan op het veld zelf. We weten het allemaal beter.
Maar laten we eerlijk zijn: fluiten is één ding, een wedstrijd écht leiden is iets heel anders. Daar komt lef bij kijken. En concentratie. En het vermogen om soms binnen een fractie van een seconde te beslissen. Waarna de halve tribune en de spelers op het veld ervan overtuigd zijn dat je ernaast zit.
Daarom is het goed dat er een Week van de Scheidsrechter bestaat. Gewoon om te zeggen: DANKEJWEL. Dankjewel dat je die dertiende, veertiende en vijftiende scheidsrechters op en rond het veld negeert. Dankjewel dat je blijft fluiten, ook als de kritiek harder klinkt dan het geluid van je fluit. Dankjewel dat je elke week weer zorgt dat wij ons spelletje kunnen spelen.
Dus ja, bij ZAP hebben we eigenlijk altijd een twaalfde man. Alleen staat die niet met een spandoek op de tribune, maar met een fluitje op het veld. Laten we hem eren en bedanken in plaats van bekritiseren.
De Luistervink.
